Geschiedenis van Deventer
Meer dan 1250 jaar geleden bouwde de Engelse monnik Lebuïnus – die de Saksen kwam bekeren – een houten kerkje op de plaats waar de IJssel doorwaadbaar was: het huidige Deventer. Honderd jaar later plunderden vikingen de handelsstad Dorestad en de kooplieden vluchtten naar deze plek, die gunstig lag op de kruising van handelsroutes over land en water. Toen vervolgens Utrecht door vikingen werd platgebrand, vond ook de bisschop er een veilig heenkomen. In de 14de en 15de eeuw groeide Deventer uit